Uitspraken over miskraam van de foetus

lof zij Allah.

Ten eerste:

u moet er rekening mee houden dat geduld bij het aanvaarden van de Goddelijke Wil en het decreet een van de houdingen van de rechtvaardigen is, en het aanvaarden van het decreet van Allah is een van de kenmerken van degenen die hem na staan. De beste manier waarop een persoon kan reageren op calamiteit is om te zeggen: “Al-hamdu Lillah, innaa lillahi wa innaa ilayhi raaji’ oon (lof zij Allah, Voorwaar Wij behoren tot Allah en tot Hem is onze terugkeer).”

The best that we can tell you is that which was narrated from Aboe Moosa al-Ash ‘ari (moge Allah tevreden zijn met hem), dat de Boodschapper van Allah (vrede en zegeningen van Allah zij met hem) zei:

” When the child of a person dies, Allah says to His angels: ‘You have taken the soul of the child of My slave?”

ze zeggen: “Ja.’

hij zegt: ‘Je hebt de appel van zijn oog genomen?”

ze zeggen: “Ja.’

hij zegt: ‘Wat zei mijn slaaf?’

ze zeggen: ‘Hij prees u en zei innaa lillahi wa innaa ilayhi raaji’ oen.’

en Allah zegt: ‘bouw voor mijn slaaf een huis in het Paradijs, en noem het het huis van lof.'”

verteld door al-Tirmidhi, 1021; geclassificeerd als hasan door al-Albaani in Saheeh al-Tirmidhi.

Al-Nawawi (moge Allah genade met hem hebben) zei:

de dood van een van de kinderen is een scherm tegen het vuur, en hetzelfde geldt voor een miskraam, en Allah weet het het beste.

Al-Majmoo’, 5/287; zie ook Haashiyat Ibn ‘Aabideen, 2/228

het werd verteld van Mu’ AADH ibn Jabal dat de Profeet (vrede en zegeningen van Allah zij met hem) zei: “Door degene in wiens hand mijn ziel is, zal de miskraam zijn moeder aan zijn navelstreng naar het paradijs slepen, als zij (geduldig was en) beloning zocht (voor haar verlies).”Verteld door Ibn Maajah, 1609; geclassificeerd als da’ Eef door al-Nawawi in al-Khulaasah (2/1066) en al-Boosayri, maar geclassificeerd als saheeh door al-Albaani in Saheeh Ibn Maajah.

zie ook vraag nr. 5226.

ten tweede:

de geleerden zijn het er unaniem over eens dat als bekend is dat het kind heeft geleefd en hij een geluid maakte, hij gewassen en gehuld moet worden en het begrafenisgebed voor hem moet worden aangeboden. De Consensus over dit punt werd verteld door Ibn al-Mundhir, Ibn Qudaamah in al-Mughni (2/328) en al-Kaasaani in Bidaa’ i’ al-Sanaa ‘I’, 1/302.

Al-Nawawi zei in al-Majmoo ‘ (5/210): hij moet worden gehuld als een volwassene, met drie stukken doek.

maar als het kind geen geluid maakte, dan in het antwoord op vragen nr. 13198 en 13985 we hebben uitgelegd dat het er in dit geval om gaat of de ziel in de foetus is ingeademd of niet, wat gebeurt na vier maanden zwangerschap. Als de ziel in hem is ingeademd, dan moet hij gewassen en gehuld worden, en het begrafenisgebed moet voor hem worden geofferd, maar als de ziel niet in hem is ingeademd, dan moet hij niet worden gewassen en het begrafenisgebed mag niet voor hem worden geofferd.

Zie: al-Mughni, 2/328; al-Insaaf, 2/504.

derde:

met betrekking tot het aanbieden van ‘aqeeqah voor een miskraam foetus als hij de leeftijd van vier maanden zwangerschap had bereikt, verschilden de geleerden over de vraag of dit in de Islam is voorgeschreven. In het antwoord op de vragen nr. 12475 en 50106 hebben we verklaard dat de geleerden van het Permanent Comité voor de afgifte van fatwa ‘s, en Shaykh Ibn’ Uthaymeen, de mening waren toegedaan dat het voorgeschreven is en mustahabb is. Zij zijn ook van mening dat het kind een naam moet krijgen.

vierde:

degene die is opgedragen de ‘aqeeqah’ te doen is degene die verplicht is om te besteden aan het kind, namelijk de vader als hij aanwezig is; als hij weigert om dat te doen dan is er niets mis met iemand anders die het doet, zoals de moeder.

het staat in al-Mawsoo ‘ ah al-Fiqhiyyah (30/279):

de Shaafa ‘i’ s zijn van mening dat de ‘ aqeeqah is vereist van degene die verplicht is om te besteden aan het kind, en hij moet betalen voor het uit zijn eigen rijkdom, niet de rijkdom van het kind. Niemand die niet verplicht is om aan het kind te geven, mag het doen, behalve met toestemming van degene die verplicht is om aan het kind te geven.

de Hanbalis stelde dat niemand de ‘aqeeqah zou moeten doen behalve de vader, tenzij hij het niet kan doen omdat hij overleden is of hij weigert het te doen. Als iemand anders dan de vader doet het, dat is niet makrooh, maar het is niet een ‘aqeeqah. De enige reden waarom de Profeet (vrede en zegeningen van Allah zij op hem) deed de ‘aqeeqah voor al-Hasan en al-Husayn was omdat hij dichter bij de gelovigen dan hun eigen zelf. Einde citaat.

als de vader in leven is en het zich kan veroorloven, wordt hem aangeraden de ‘aqeeqah namens het kind aan te bieden. Als hij weigert of de moeder toestemming geeft om de ‘ aqeeqah te doen, dan is dat Islamitisch aanvaardbaar.

conclusie: wat uw man deed, haar wassen en bedekken en het rouwgebed voor haar aanbieden is correct en wordt voorgeschreven in de Islam, maar u moet haar nog steeds een naam geven en de ‘aqeeqah namens haar aanbieden.

en Allah weet het het beste.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.